The Zombies 2.0

18 augustus 2011

In het spoor van The Beatles en The Rolling Stones kende de jaren zestig andere Brit-bands die als benchmark fungeren voor popmuzikanten van volgende generaties. The Pretty Things, The Moody Blues, The Kinks, Manfred Mann, The Spencer Davis Group, The Animals, The Zombies en het Noord-Ierse Them combineerden Amerikaanse soul-, blues- en rhythm ’n’blues-klassiekers met eigen materiaal en beschikten over markante zangers die reeksen hits inkleurden.

The Zombies vormden het buitenbeentje: nerds uit de middenklasse, de zanger geen pochende woordspuwer, eerder een sensuele fluisteraar. Hun geloofsbrieven vervatten ze in She’s Not There, een van de beste popliedjes ooit en net weer gecoverd door... Nick Cave! En er was meer intrigerends: singles vol tweezijdige surprises, de prachtelpee Begin Here met ballads (Summertime, The Way I Feel Inside) én opzwepende songs (Sticks And Stones), een rol in de Britfilm-thriller Bunny Lake Is Missing, de knappe aanpassing aan een veranderende tijd met de conceptplaat Odessey & Oracle.

Tragisch genoeg viel de groep net uiteen toen Odyssey & Oracle én single Time Of The Season megasuccessen werden in Amerika, waar prompt talloze nep-Zombies rondspookten. Sommige bandleden verdwenen in de coulissen maar zanger Colin Blunstone en toetsenist Rod Argent traden in de jaren zeventig nog nadrukkelijker voor het voetlicht, respectievelijk als soloartiest (fragiele albums One Year, Ennismore, Journey) en als leider van de groep Argent (ferme hits Hold Your Head Up, God Gave Rock And Roll To You). Daarna volgden ook voor Blunstone en Argent twee decennia relatieve radiostilte.

Plaats bij reünies altijd een gevarendriehoek. Het oorspronkelijke gezelschap is zelden compleet en schoonheid van weleer blijkt vaak vergaan. De wederopstanding van The Zombies vreesde ik minder, simpelweg omdat ik ze nooit had zien optreden. In een Noord-Hollandse dorpsveilinghal ‒ niet Blokker maar het even onwaarschijnlijke Middenmeer ‒ werd het uiteindelijk tien jaar geleden een huiveringwekkende ervaring en het begin van jaarlijkse pelgrimages die voerden naar de Nijmeegse Grote Kerk en de Amsterdamse Kleine Komedie, naar de Zoetermeerse Boerderij en de Zaanse Kade. Setlijsten wisselden, uitvoeringen klonken almaar beter.

The Zombies 2.0 worden geschraagd door bas en drums van vader en zoon Rodford. Jim zat in de Zombies-grondverfeditie en speelde met Argent en Kinks. Steve is een superstrakke beatdrummer, inmiddels een bedreigde diersoort. Gitarist Keith Airey is afgelost door de even virtuoze Tom Toomey. Baas Rod Argent knipt de patronen vanuit zijn keyboards-commandotoren. Maar het wereldwonder blijft Colin Blunstone’s Sirene-stem. Volmaakt intact, geen octaaf gesmokkeld ‒ angeliek met edge, net zo uniek als de  lokroep van Dusty Springfield.

The Zombies maken nog steeds platen ­‒ Breathe Out, Breathe In is net uit en redelijk geslaagd ‒, hun oeuvre is bijgezet in de box Zombie Heaven. Robert Plant, Paul Weller en Tom Petty zijn fans voor het leven en de Londense uitvoering van Odessey & Oracle behoorde tot de concert-hoogtepunten van 2008. In het kader van het vijftigjarig (!) bestaan touren The Zombies in Nederland begin november met een mooie landelijke dekking. Mis ze niet.