Buitenstaander Walter Becker

5 september 2017

Volgens sommigen – ik meen ook Felix Meurders – is er nooit betere popmuziek gemaakt dan door Steely Dan, de band van Donald Fagen en de zondag overleden Walter Becker. En daar kan ik me goed in vinden. Het klinkt allemaal even geproduceerd, maar het wordt toch nooit glad. Het is warm swingend, maar met onderkoelde ironie. Ik ken weinig muziek die zo veel tegenstellingen in zich verenigt en toch harmonisch klinkt. 

Net zo ongrijpbaar als de muziek was het duo zelf. Becker en Fagen maakten muziek voor miljoenen met de attitude van wereldvreemde intellectuelen. Er hing een zekere raadselachtigheid rondom hen. Ze leken zich ook steeds minder aan te trekken van wat anderen van hen vonden. “We hielden ervan om vanuit de marge te werken”, vertelde Walter Becker in 2008 aan het Amerikaanse blad Time Out. Ze waren buitenstaanders, maar taalden wel naar succes. Dat hadden ze, met grote hits als Do It Again, Rikki Don’t Loose That Number, The Fez en Deacon Blues, maar het steeg hen niet naar het hoofd. Eigenlijk waren ze de ultieme albumband. Daardoor bleef van de oorspronkelijke bezetting van vijf, met de briljante gitarist Jeff ‘Skunk’ Baxter, slechts het tweetal Fagen en Becker over, dat het het liefst in de studio vertoefde, schavend aan hun geluid met de fine fleur van sessiemuzikanten zoals Hugh McCracken, Jim Keltner en Jeff Porcaro. Er zijn prachtige anekdotes, bijvoorbeeld die over Mark Knopfler, toch niet de minste, die slechts een flard van zijn gitaarspel terughoorde op het album Gaucho (1980), terwijl hij studio-uren had gedraaid voor een heel album.

Alles in dienst van het geluid en de liedjes, met ook hun tekstuele gelaagdheid en ironie. Gaucho leverde onder andere Hey Nineteen op, een persoonlijke favoriet: She thinks I’m crazy, but I’m just growing old. Beter dan welk In memoriam lezen kun je de muziek van Steely Dan beluisteren, die de tand des tijds glorieus heeft doorstaan. En zoals Rodney Crowell het laatst nog in een interview in ons blad verwoordde: “Tegen de kracht van een goed liedje kan niets. Het overleeft zijn schrijver.”

Walter Becker: 20 februari 1950 – 3 september 2017